bezoek Houten
Maandag 4 mei 2009
Met de trein reizen van en naar Houten, omdat uitgeverij Noordhoff zich daar bevindt. Allereerst is reizen met de trein altijd boeiend. Zeer diverse mensen kom je dan tegen: sportieve vrouw tegen haar tuttige zus over afschuwelijke gympen ‘Deze schoenen waren nog best duur.’, meisje door de telefoon tegen haar vriend ‘Ik wil dit toch liever face-to-face straks op het station bespreken … Je moet blij zijn dat je ouders mij accepteren.’, studente door de telefoon tegen vriendin ‘Je gaat dan toch nadenken over op jezelf wonen. Ik weet niet of ik dat al kan. Ik ga denk ik echt vergeten dat ik eten moet kopen.’ Op deze manier blijft je reis boeiend als je alle gratis krantjes al uit hebt, de bespreking al hebt voorbereid en zelfs alle puzzels uit de krantjes hebt opgelost.
Ik was zeer goed voorbereid, met een uitgebreide routebeschrijving hoe ik moest lopen vanaf station Houten en ik zou ruim op tijd aankomen. Het lastige van een plattegrond met een spoor is van welke kant kwam de trein? En ik loop dus bijna altijd standaard de verkeerde kant op, zo ook vandaag. Oftewel, snel de andere kant oplopen, maar dan blijkt dat het station van Houten een grote bouwval is. Geen idee hoe ik aan de andere kant moet komen, ik beland in een fietsenstalling, dat is vast niet goed, maar uiteindelijk na allerlei omwegen lukt het dan toch om de goede kant op te lopen. Mijn richtingsgevoel en kaartleescapaciteiten zijn zeer goed, dus de route verloopt voorspoedig. Aangekomen bij de straat ‘het spoor’ kom ik uit bij nummer 20 en ik moet zijn bij nummer 8. Ik loop een stuk verder en dan blijk ik opeens bij nummer 60 te zijn, dat betekent dus dat ik verkeerd loop. Maar ik heb geen gebouw gezien met heel groot Noordhoff op de gevel, dus maar even vragen aan een voorbijganger. Zij kent de uitgeverij ook niet en ik begin me toch wel zorgen te maken. Toch maar teruglopen richting een groot gebouw. Al snel kom ik een bord tegen waaruit blijkt dat er meerdere organisaties in dit gebouw zitten, waaronder Noordhoff, gelukkig. De vraag is nu: waar is de ingang? Het gebouw blijkt zeer groot te zijn en ik loop helemaal om het gebouw heen, totdat ik opeens de ingang zie. Voor automobilisten is dit logisch, maar als wandelaar dus echt niet.
Zo’n 20 minuten later dan gepland, maar dankzij mijn ruime reisschema, precies op tijd, stap ik binnen in het mooie, lichte gebouw. Even geduldig wachten totdat ik door de secretaresse wordt gehaald voor mijn afspraak en dan ben ik eindelijk op de plaats van bestemming. Met een uitgeefdirecteur en een editor heb ik een afspraak over onze beider belangen die kunnen worden behartigd. Noordhoff blijkt veel te investeren in het digitale schoolbord en ze zijn zeer geïnteresseerd in mijn onderzoek. Zelf doen ze regelmatig marktonderzoek naar hun producten, maar weinig wetenschappelijk onderzoek. Op dit moment heeft 10% (verbazingwekkend weinig!) van hun methodegebruikers een abonnement op de software voor het digitale schoolbord. Vanaf januari 2009 hebben zij als een van de weinige alle software op één abonnementsprijs beschikbaar gesteld. Dit vind ik een slimme manier van marketing, hoewel ik mij nog wel afvraag of dit niet te duur wordt voor scholen. De software wordt sinds 2007 ontwikkeld en blijft in ontwikkeling. Vanuit het veld krijgen ze regelmatig opmerkingen die ze proberen te verwerken. Op dit moment zijn alle boeken gescand en kunnen de leerkrachten op bepaalde figuren of teksten klikken om een extra toevoeging, uitwerking tevoorschijn te toveren. Ze zijn bezig met de ontwikkeling om bestanden en zelfgemaakte lessen door de leerkrachten uit te wisselen. Daarnaast zijn ze erg zoekend in vormen waarbij individuele kinderen of in groepjes de borden gebruiken. Ze vonden het te ver gaan om het te koppelen aan het leerlingvolgsysteem. Ik heb ze geadviseerd om eens te kijken naar mini-games, hierbij hoeft de behaalde score niet te worden gekoppeld, maar kan de leerkracht het toch nog even nakijken. Vanuit onderzoek blijkt dit goed te werken, omdat leerlingen hun resultaten direct op het scherm zien. Ze gokken weinig en denken goed na over hun antwoorden. Noordhoff gaf aan graag te willen weten wanneer leerkrachten het digitale schoolbord gebruiken. Het punt navigatie heeft bij hun ook een grote rol. Leerkrachten zijn zeer divers in het gebruik en dat betekent dat men op verschillende manieren iets probeert te vinden in de software. De één gebruikt een zoekfunctie, de ander scrolt door de bladzijdes en weer een ander kijkt in de inhoudsopgave. Voor mijn onderzoek is nog interessant in hoeverre het gebruik van het digitale schoolbord samenhangt met de leerling-resultaten. Ik verwacht dat hoe meer het wordt gebruikt, hoe beter de resultaten, maar ik denk dat het interessant is dit zeker te weten.
Al met al was het een nuttige meeting waarbij veel is besproken. Ik hoop met deze meetings te bereiken dat mijn uiteindelijke onderzoeksresultaten niet verdwijnen in een la, maar dat er echt iets mee wordt gedaan. Het onderwijs moet evidence-based worden en daar hoop ik een bijdrage aan te kunnen leveren.
De terugreis verliep trouwens vlotjes!

14 May 2009 at 14:41
Beste Eva, wat fijn dat je het een interessant bezoek vond bij Noordhoff. Nog even terugkomend op onze abbonnementsprijs van € 250 voor al onze digibordsoftware; dit is juist zeer goedkoop omdat een school gemiddeld twee tot drie methodes van ons gebruikt, op twee of meer digiborden.
26 May 2009 at 11:29
Beste mevrouw Kamminga,
U heeft hier zeker een punt, maar niet alle scholen gebruiken twee tot drie methodes, mijn eigen school bijvoorbeeld niet. Als dit wel het geval is, is het inderdaad niet duur. Scholen kunnen het nu nog gratis uitproberen, dus dat raad ik zeker aan! Op deze site vind je de link: http://www.digibordsoftware.nl/
Veel plezier ermee!